Lopen als therapie: Dempsey Weiss

We kennen het allemaal: je hoofd zit vol en het liefst van al zou je in bed kruipen en er niet meer uitkomen. Je zet toch door, trekt je loopschoenen aan en perst er een paar rondjes uit. En plots, wonder bij wonder, barst je opnieuw van de energie en is de wereld weer mooi! Lopen maakt het hoofd leeg en is voor mij de beste therapie. Vandaag praat ik samen met snelheidsduivel Dempsey Weiss over zijn sportieve B&B-Droom, paella en lopen als pleister op de wonde. 

Dag Dempsey. Kan je ons vertellen welke sporten je momenteel beoefend?

Momenteel alleen lopen op ‘langere afstand’. Vroeger deed ik competitie in de 100, 200 & 400 meter, dus die langere afstanden zijn voor mij alles tot 10 kilometer. Ik ben al van kleins af aan sportief. Vroeger deed ik ook aan voetbal en zwemmen, maar atletiek heeft het uiteindelijk toch gehaald van die andere twee. Ik blog ook over het sportieve leven, al heb ik nu wel weer een maand niets geschreven. (lacht)

En daarnaast studeer je ook nog?

Ja, inderdaad! Ik combineer twee studies: sport en beweging en voeding en diëtiek. Normaal heb ik nog een jaar of drie te gaan en dan ben ik in allebei afgestudeerd! Enkele jaren geleden heb ik de competitie in het lopen ook opgegeven om mij volledig op mijn studie toe te leggen en dat heeft geloond: dit jaar heb ik wel een herexamen, maar het is het eerste (lacht).
Toch ben ik ook na de competitie blijven lopen en ook aan wedstrijden doe ik nog altijd mee… Ik kan het niet missen. Eigenlijk zit het zo. Ik ben nu 21, maar toen ik 18 was, heb ik een van mijn beste vrienden verloren in een auto-ongeluk. Het jaar daarop liep ik mijn beste tijden, maar psychologisch zat ik erg diep. Samen met de studie was het allemaal te veel, maar toen het lopen ophield begon ik al snel te verdikken. Op aanraden van mijn psycholoog heb ik het toen weer opgepikt, zonder de druk van de competitie. Ik word er rustig van. En het verdikken was ook snel gedaan (lacht).

Het lopen is voor jou dus een uitlaatklep?

Ja, vaak schreeuw ik het letterlijk uit. Als ik kan lopen, voel ik me vrij als een vogel. Normaal loop ik niet zo graag op het strand, terwijl dat vlakbij mijn eigen thuis is… Maar af en toe kan het deugd doen – gewoon om die vrijheid te voelen.

Wat zijn de minder fijne kanten voor jou?

Blessures: ik heb er heel wat gehad in de jaren dat ik liep: 7 op 9 jaar! Onder andere aan de knie… De laatste was een eversie aan de enkel, wat niet zo eenvoudig op te lossen is. Daarnaast heb ik soms wat moeite met de drukte tijdens de competitie. Soms, zoals bij Dwars door Brugge is er gewoon te veel volk!

“Als ze gaan feesten, zeg ik meestal nee. Ik drink geen alcohol meer… en dan is het uitgaan toch niet altijd even fijn.”

Heb je bepaalde gewoontes bij het lopen?

Ik heb altijd mijn geluksbrenger bij (toont een houten armband): die kreeg ik van de ouders van die overleden vriend. Als ik wedstrijden loop of examens doe, neem ik het mee. Daarnaast ben ik ook gelovig, dus ik maak ook een kruisje voor ik start en bij aankomst. Verder loop ik meestal alleen en zonder muziek: het komt niet zo goed uit en ik heb het ook liever niet eigenlijk. Oh, en ik win graag: dan kan je eens je handjes in de lucht steken! (lacht)

Welke wedstrijden zijn je op een positieve manier bijgebleven?

De kerstloop in Brugge vind ik heel tof: elk jaar opnieuw. Mensen zijn verkleed en het is erg gezellig! Zeker die van 2015 is me bijgebleven omdat ik een goede tijd liep: 42 minuten over 10 kilometer! Ik was zó blij en tegelijk zag je overal kerstmannen lopen! Een beetje surreëel, maar tegelijk heerlijk magisch!
Eigenlijk loop ik verder liever korte afstanden: 400 meter is mijn persoonlijke favoriet. Dat is echt een kort moment echt alles geven! Ik vind het ook heel fijn om die korte afstanden van echte atleten te volgen: de broers Borlée zijn al vijf jaar mijn idolen. Vooral de jongste: die is net als ik in 1995 geboren.
De langste die ik deed was 21 kilometer, maar dat vond ik al erg ver. Een marathon trekt mij eigenlijk niet zo aan, al zou ik het fysiek wel kunnen. Het zijn al die trainingen die eraan voorafgaan die mij zouden tegenstaan!

Wat voor trainingsschema volg je?

Ik loop een keer of 3 per week en dat verandert eigenlijk niet als er een wedstrijd aankomt. Dinsdag loop ik 5, donderdag 8 en zaterdag 10 tot 12 kilometer. Dat patroon probeer ik aan te houden. Liefst van al doe ik die trainingen buiten, tenzij de weersomstandigheden mij echt tot de loopband dwingen.

“Ik ben ook gelovig, dus ik maak ook een kruisje voor ik start en bij aankomst. Verder loop ik meestal alleen en zonder muziek: het komt niet zo goed uit en ik heb het ook liever niet eigenlijk.”

Welke tips heb je nog voor de lezers die sneller willen worden?

Voeding aanpassen. Ik eet sinds twee jaar echt gezond en dat verschil merk ik elke dag opnieuw. Je voelt je frisser en rustiger tegelijk. Ik eet genoeg koolhydraten en vijf maaltijden per dag. Daarbij eet ik twee keer fruit en ’s morgens een kommetje cornflakes of havermout. Vooral havermoutpap vind ik eigenlijk te lekker: ze klagen er soms zelfs eens over thuis dat ik dat te veel eet want als het kan eet ik het ’s avonds nog is! (lacht) Op de middag eet ik gewoon thuis Belgische kost mee: aardappelen, groenten en vlees. Vooral genoeg koolhydraten dus: ik ben tegen Pascale Naessens! (lacht)

Je bent duidelijk gepassioneerd door voeding. Kan je nog iets meer vertellen over je voedingspatroon?

Het is gezond, maar af en toe zit er nog iets te veel vet in, vooral omdat ik thuis gewoon met mijn ouders mee-eet. Dat zou ik vermoedelijk anders doen als ik op mezelf zou wonen. Verder eet ik ook wel weinig brood omdat het niet lekker is. Havermout daarentegen (lacht). Het is geen typische studentenkost: als ze gaan feesten, zeg ik meestal nee. Ik drink geen alcohol meer… en dan is het uitgaan toch niet altijd even fijn. Het leven staat toch een groot deel in het teken van het lopen: soms durf ik al eens te overdrijven, misschien. Aan de andere kant moet ik als student voedingskunde het goede voorbeeld geven, niet?

Wat eet je voor, tijdens en na de wedstrijd?

Zoals veel lopers eet ik ervoor vaak een banaan. Tijdens heb ik niets nodig, maar erna kies ik dan meestal voor melk en chocolademelk! En dan een koude douche (lacht). 

Kan je ons nog je lievelingsmaaltijd verklappen?

Paella: ik hou wel van de Spaanse keuken. Mijn droom is eigenlijk om een B&B te starten in Spanje voor lopers en fietsers die alle voorzieningen hiervoor aanbiedt! Na de examens gaan we zelfs al op zoek naar een locatie want ik plan na mijn studies te vertrekken! Dat is dan wel handig als je erg graag paella lust! (lacht) Spruitjes lust ik dan weer totaal niet en ik vermoed dat ze dat ginder ook niet zoveel eten!
Als je graag lekker eet in de buurt van Oostduinkerke, waar ik woon, zou ik De Normandie aanraden: een prachtig restaurant op een boot. Het is misschien wat prijzig, maar zeker de moeite waard.

Heb je nog een laatste tip voor mijn lezers wat hardlopen en eten betreft?

Doe het rustig aan: zowel met starten met lopen als je voedingspatroon veranderen. Als je zeven dagen per week biefstuk met friet eet, kan 1 dag per week iets gezonder op het menu zetten, al het verschil maken!

Wauw, Dempsey, wat een discipline heb jij! Ik zou het er erg moeilijk mee hebben om alle lekkere dingen altijd te laten staan! Erg bedankt alvast voor dit interview en veel succes met je verdere loopcarrière en je B&B in de toekomst!

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: