Tot aan de sterren… en daar voorbij: ultratrailer Ken Rottiers

Ken je dat liedje van de berenjacht? Water, bergen, gras of bomen? We kunnen er niet boven, we kunnen er niet onder… dus we gaan erdoor! Daaraan moest ik denken als ik voor het eerst van Ken Rottiers hoor… Geen uitdaging lijkt hem te zwaar te zijn… Lees je mee in dit wonderlijke verhaal van honderden kilometers lopen, Chouffeke’s een grote liefde voor vrouw en kinderen?

Trailrunnen, wat houdt dat precies in, Ken?
K: Trailrunnen is een tak van de loopsport dat zich vooral afspeelt op het onverharde deel van onze wereld…En dat liefst in combinatie met de nodige hoogtemeters en natuurlijke obstakels. Niet te verwonderen dan dat de meeste van mijn favoriete trails zich situeren in onze prachtige Ardennen. Maar het echte trailparadijs ligt uiteraard nog een stukje verder in de Alpen, Pyreneeën, Madeira,…..
Trailrunnen is er qua afstand al voor iedereen. De meeste organisaties bieden meestal verschillende afstanden aan variërend van 10k tot 100k. Sinds vorig jaar zijn er 2 gekke race directors die een fantastische 250k wedstrijd naar de Ardennen hebben gebracht: De Legends Trail. En voor alle duidelijkheid: een urban trail is dus géén trail he! (Lacht) Eikeba, zoveel asfalt.

Foto

Ben jij dan altijd zo sportief geweest?
K:
Zeker. Sport is een rode draad door mijn leven. Als klein bazeke ben ik automatisch in de korfbalwereld gerold: op topniveau is het een lust om naar te kijken. Op school bleek al snel dat ik met mijn voeten ook aardig overweg kon met een bal, dus heb ik eigenlijk gedurende mijn hele jeugd wat over en heen weer gehuppeld tussen het korfbal en voetbal.
Ik voelde mij kiplekker bij de voetbal, maar ben noodgedwongen moeten stoppen wegens een stevige rugblessure, opgelopen door een lelijk ski-ongeval.
Na enkele jaren van revalideren heb ik terug gekozen voor het minder fysieke korfbal en heb ik bij het Schotense ASKC 10 jaar samen met mijn vrouwtje Leen de blauw-rode kleuren verdedigd met de nodige successen. Op mijn 35e heb ik dan beslist om te stoppen met de 1ste ploeg en de fakkel door te geven aan de jeugd. Het was goed geweest!

En dan is lopen in je leven gekomen?
K: 
Na het verlaten van de eerste ploeg ben ik net zoals de rest van mijn leeftijdsgenoten beginnen spelen in de lagere ploegen van ASKC. Best wel plezant voor een tijdje, maar qua voldoening deed het helemaal niet meer aan de verwachting. Toen stelde een medespeler voor om de marathon van Porto te lopen… In Porto was het de bedoeling 3:30 te lopen. Eerste 15k had ik me gesetteld in het groepje van pacer 3:30, maar die ballon van 3:15 bleef in de verte binnen bereik en ik voelde me super. Op kousenvoeten ben ik er dan rustig naar toe gelopen en tot 30k liep alles naar wens.
Dan mijn eerste beginnersfout: beetje veel overmoedig voor die groep gaan lopen in de wind en in no time een enorme opdoffer gekregen… Met tranen in de ogen heb ik die groep toch niet willen lossen en totaal leeg en misselijk in 3u15 over de finish gekomen… Uren later was ik er nog niet goed van… Marathons traag lopen vond ik geen uitdaging meer en als ik ze snel zou lopen, geniet ik er echt niet van! Er was even tijd nodig om te bezinnen!

Toch kwamen daarna de lange afstanden?
K: 
In april hoorde ik voor het eerst over de Sparthatlon. Ik vond een interview met drievoudig Spartathlon winnares Lizzie Hawker, die blijkbaar ook meervoudig winnares UTMB was. UTMB even opgezocht… Ultra Trail Mont Blanc! Mijn eerste reactie na het bekijken van een super gemonteerd promotiefilmpje was: ‘Dit ga ik doen!’ 170K doorheen drie landen en duizenden hoogtemeters! En dan die omgeving! Dat was echt… wauw…
Na enkele marathons, de Zesuurse van Aalter en de Dodentocht liep ik in oktober 2013 mijn eerste goedgeorganiseerde Beartrail in onze prachtige Voerstreek. 56k met 1500 hoogtemeters. I had the time of my life! Serieuze krampen gelopen, enkele dagen moeilijk kunnen bewegen, maar ik vond het fantastisch.

Dus je bent blijven doorgaan?
K: Tegen Nieuwjaar 2013-2014 had ik genoeg punten verzameld om me te mogen inschrijven voor de CCC (Courmayeur-Champex-Chamonix 101k – 6100 hoogtemeters). Daar ben ik met een bang hartje aan begonnen, maar het liep uiteindelijk best lekker (verslag). Zo lang ik het gevoel had dat er speling zat op mijn prestaties, ben ik de grens wat blijven verleggen met recent de Legends (250k – 7500 hoogtemeters) als voorlopige kers op de taart. (lacht) De honger is nog niet gestild!

Blijft er met zoveel lopen nog ruimte voor iets anders?
K: Weinig, buiten het gezinnetje dan natuurlijk! Ze laten mij in de aanloop naar een lange wedstrijd de ruimte om goed te trainen en na afloop is het tijd to repay my debt. Dat doe ik met plezier hoor! Maart is bijvoorbeeld een volledig loopvrije maand.  Mijn oudste zoon Rik is nu 6 en begint zijn eerste wedstrijdjes korfbal te spelen en daar wil ik uiteraard zo veel mogelijk bij zijn! #trotsepapa. Leen en de boys komen bij mij altijd op de eerste plaats!

Wat maakt de sport voor jou zo mooi?
K: 
Vooral de natuur en de sfeer! Je komt op plaatsen waar je anders tijdens een doorsnee strandvakantie niet komt. Er is niets leuker dan de wereld verkennen met je voeten. Goedkoper ook (lacht). Ik heb het nodig om mezelf goed te voelen in mijn vel. Ik heb het nodig om een enorm doel te stellen en er naar toe te leven.

Wat gaat er in je om tijdens zo een lange afstand?
K: De emoties die je ervaart tijdens een ultratrail zijn enorm uiteenlopend. Dat gaat echt van euforisch, blij, gelukkig, genieten tot moe, eenzaam, triest, teleurgesteld. De keren dat een ultratrailer zegt ‘dit doe ik nooit meer’, zijn haast niet te tellen. Maar na het bereiken van die finish, de euforie, die voldaanheid en trots én na het snel verdwijnen van de pijn is het al snel van ‘volgend jaar terug?’

Hoe pep jij jezelf op als het niet meer lukt?
K:
Dat zal er een beetje van af hangen waarom het niet meer lukt. Heb van nature een ‘over mijn lijk’-mentaliteit en ik haat ‘Did not finsh’! Maar de gezondheid moet altijd voorop blijven staan. Van de moment dat deze in het gedrang komt stop ik. Heb ik mezelf en mijn vrouwtje beloofd.
Bij alle andere, fysieke of mentale, kwaaltjes blijf ik gewoon doorgaan. Je moet trachten iets in te beelden dat NOG erger is. Zo hebben we tijdens de Legends heel vaak gedacht aan The Revenant – zolang we niet aangevallen worden door een beer en achter gelaten worden door vrienden en collega’s in the middle of nowhere bij -15°C, blijven we doorgaan! En dat helpt echt!

Heb je bepaalde gewoontes bij het lopen die je ons wil meegeven?
K:
Een gewoonte die ik nu wel geleerd heb is vooral naar mezelf te kijken. Heb heel wat trails afgelegd met andere personen en van de moment dat je ook maar een fractie buiten je comfortzone gaat lopen, gaat dat later in de trail zuur opbreken.
Pas recent heb ik een kubusvormig bluetooth box gekocht met een mp3-spelertje. Tijdens de Legends heeft het er mij zelfs even doorgetrokken toen ik een kilometer of 20 alleen kwam te lopen. Een huppelde disco in het midden van de Ardennen op de beats van 21 pilots en Boyz Noize (lacht). 

Hoe ziet jouw voorbereiding eruit?
K:
 Meestal stel ik dus een paar grote doelen per jaar…Ik volg geen speciale schema’s, doe niet aan intervaltrainingen. Ik probeer in de mate van het mogelijke een honderdtal kilometers per week af te leggen. Snelheid is voor mij totaal van geen belang meer. Het is ook niet meer zo belangrijk als je zo ver loopt. Wat ik ook erg belangrijk vind is core-stability-training. Ik heb door dat ski-ongeval van vroeger een zwakke onderrug en core-oefeningen zorgen er toch voor dat mijn rug/bekkenspieren de eindeloze schokken kunnen blijven opvangen.
In het geval van De Legends… 4 volledige weekends had ik uitgetrokken om te gaan verkennen op het parcours, om te leren werken met de gps en een idee te krijgen wat we voorgeschoteld gingen krijgen. 2 weken voor D-day gaan de beentjes omhoog en begint de taper/vreet/carbloadfase (lacht). 

En wat met blessures?
K:
Ultratrail gebruikt een groot gamma aan spieren, tegenover contactsporten als voetbal of korfbal. Als ik dan toch eens geblesseerd ben door overbelasting of een ontsteking ben ik best wel humeurig, volgens mijn huisgenoten toch (lacht met twinkelende ogen). 

Wat staat er zoal nog op de planning?
K: 
Ik zal dus waarschijnlijk in mei deelnemen aan de Ultratrail van Menorca (185k) en misschien nog een lange in de Vogezen (200k) in september. Voor de rest de gebruikelijke Ardennen-trails als training!
En dan de bucketlist… UTMB, sowieso. Sfeer in Chamonix is geweldig! De ‘Diagonale des fous’ (glimacht) op La Réunion spreekt me ook enorm aan! Ik ga nog wel een stukje wereld verkennen met mijn gratis transport (lacht nog harder). Mijn grootste droom is het finishen van een ultra samen met mijn twee boys. Rik is nu 6, Bob 3, dus binnen een jaar of 20 zou dat perfect mogelijk zijn. Hoe geweldig zou dat zijn…

Heb je nog een goede tip voor beginners?
K:
Doseren, genieten, geloven in jezelf en loop vooral je eigen race. Leg jezelf geen tijdsdruk op! En als het echt niet meer gaat, denk aan The Revenant (lacht).

Fitmetlien.com is natuurlijk ook een foodblog… Kan je ons iets over je eetpatroon verklappen?
K: 
Ik ben eigenlijk absoluut niet met mijn eten bezig. Ik ben gezegend met een pezig, tenger lichaam dat eigenlijk alles verbrandt wat het binnen speelt.  Mijn vrouw kookt altijd gezond, maar met mijn werk-eetpatroon zou een sportdiëtist niet akkoord gaan denk ik.  Pizza’s, broodjes mexicano en Bicky’s passeren wekelijks de revue (lacht).
Magnesiumtabletten, vitaminen C en multivitaminen gebruik ik dagelijks. En de laatste 48 uur voor de start van een wedstrijd gebruik Carbo GY van Etixx (3 à 4 liter). Heb echt het gevoel dat dit mij zot veel energie geeft!

En tijdens de wedstrijd?
K: 
Ik probeer vooraf wel wat licht verteerbare dingen te eten zoals pannenkoeken, witte boterhammen met choco, wat hazelnoten, bananen…Tijdens heel lange ultras eet je gewoon wat je graag eet. Pasta, rijst, puree met witloof, pizza, alles wat de organisatie je maar aanbiedt en je lekker vindt.
In het begin van het trailrunnen had ik heel veel van die powerbars en gelletjes mee. Kreeg het op den duur zelf niet meer doorgeslikt en keek er meer en meer tegenop. Tegenwoordig heb ik nog wel Isostar colagelletjes mee die ik ongeveer om de 15 à 20k neem, maar voor de rest alleen maar dingen waar ik naar uitkijk. Koekjes, zwanwortjes en bifiworstjes, hazelnoten, gummibeersnoepjes. Na de wedstrijd eet ik meestal een Choufke (lacht).

Kan je ons verklappen wat je absoluut wel en niet lust?
K:
Wat ik wel lust vind je boven al terug: Bicky’s, Pizza Hut, Kaasfondue en sushi! Wat ik absoluut niet lust is rode kool en beulingen… Ik eet ook met mijn ogen dus dingen die er uitzien als boerenkop of zo, daar begin ik zelfs niet aan… (lacht) 

 

3 thoughts on “Tot aan de sterren… en daar voorbij: ultratrailer Ken Rottiers

Add yours

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: